Periodiek van de Vereniging Vrienden van het Nationaal Onderwijsmuseum

 


 

Collectie en tentoonstellingen

40105.  De conservator vertelt ....Over de tentoonstelling "vergeten onderwijs"

De tentoonstelling "Vergeten Onderwijs" is tot nu toe de meest ingewikkelde tentoonstelling die wij in het museum hebben gehouden. Ons uitgangspunt was dat de expositie kon worden bezocht door blinden, slechtzienden, rolstoelgebruikers en zienden. Diegenen onder u die het museum kennen, weten dat de Hofstede Meerzicht rijkelijk voorzien is van opstapjes, treden en trappen. Wij waren daardoor genoodzaakt de ingang van het museum te verleggen naar de zijkant van het gebouw. Hier bouwden we een portaal annex luchtsluis, zodat ook rolstoelen zonder hindernissen naar binnen konden rijden. In de stalruimte, waar de tentoonstelling werd gehouden, legden we een pad van tapijttegels zodat visueel gehandicapten konden voelen hoe ze langs de opgestelde voorwerpen dienden te lopen. Op twee plaatsen was een plattegrond in reliŽf aangebracht om de blinden te helpen bij hun oriŽntatie. De voorwerpen stonden zo opgesteld, dat de bezoeker ze steeds aan de rechterzijde had. De lange doorlopende tafels langs de wanden van de stal, op een voor rolstoelgebruikers goed bereikbare hoogte, waren aan de voorzijde tegen stoten beschermd door een schuimrubber rand. De geselekteerde objecten moesten bestand zijn tegen vele handen; alle voorwerpen mochten immers worden aangeraakt. In drie gevallen lieten we aan de hand van afbeeldingen leermiddelen reconstrueren. De begeleidende teksten evenals de bij de tentoonstelling behorende catalogus waren zowel in braille als in een groot lettertype. De teksten bij de voorwerpen waren bovendien ook nog apart in boekvorm verkrijgbaar. Tenslotte was er een hoorspel te beluisteren dat, op cassette, eveneens kon worden aangeschaft. je zien de moeilijke bereikbaarheid van het museum was het voor visueel gehandicapten mogelijk zich, na telefonische afspraak, van het station in Zoetermeer te laten halen en brengen. Op de tentoonstelling waren twee dames aanwezig om het brailleren te demonstreren. De bezoekers kregen een herinneringskaart mee waarop hun naam was gebrailleerd. Hierover kunt u elders in dit nummer, in het artikel van Mevrouw Oosterheerd, lezen. Indien nodig stonden ongeveer 30 vrijwilligers, deels leden van de VNS uit de regio, deels dames en heren van verschillende verenigingen te Zoetemeer, ter beschikking voor opvang en begeleiding van de bezoekers. De tentoonstelling was gebaseerd op onderzoek van de heer Helskens en werd opgebouwd door de heren Ruiten, Doornberg en Oosterom. tot zover de tentoonstelling in technische zin.

Het unieke van deze tentoonstelling was de mogelijkheid dat een totaal geÔntegreerd publiek haar kon bezoeken. Ook de service van het halen en brengen was, voor zover mij bekend, nog niet eerder vertoond. Onze verwachtingen waren dan ook hoog gespannen. Nu, na afloop van de tentoonstelling, die overigens op 12 januari werd verlengd tot en met 31 januari, stellen we ons de vraag in hoeverre we kunnen spreken van een succes. Het antwoord daarop is ja en nee. Nee, als we kijken naar liet teleurstellend aantal bezoekers; ja, als we het hebben over de wijze waarop de bezoekers op deze tentoonstelling hebben gereageerd. Is het normaal zo, dat museumbezoekers geen contact zoeken met de overige aanwezigen, dit keer was eerder het tegendeel het geval. Het was zeer verrassend om te zien hoe wildvreemden met elkaar in gesprek raakten over de tentoongestelde voorwerpen en over de handicap blind te zijn. Duidelijk was ook dat de expositie vooral grote indruk maakte op de ziende bezoeker. Het was een sensatie, zoals ik ook zelf heb beleefd, je te realiseren hoe weinig je eigenlijk afweet van hoe het is om blind te zijn. Dan pas blijkt ook dat de ideeŽn die je daaromtrent toch hebt niet met de werkelijkheid overeenkomen.

Hoewel de ruimte waarin de expositie werd gehouden niet groot is, constateerden we dat een bezoek van twee uur niet tot de uitzonderingen behoorde. Een belangrijke bijdrage hiertoe is geleverd door de dames Mulder, op de zondagmiddag, en Oosterheerd, op de andere dagen in de week. Mevrouw Mulder zet boeken om in braille en is zeer betrokken bij wat ik nu maar oneerbiedig de blindenwereld noem. Mevrouw Oosterheerd is zelf blind en dus in staat op zeer directe wijze met de bezoekers te communiceren. Zij heeft met haar geleidehond Noushka een groot aantal dagen de koude getrotseerd om de tentoonstelling een succes te doen zijn. Het barre weer is er overigens medeverantwoordelijk voor dat het aantal bezoekers beneden de verwachtingen is gebleven. En nu de visueel gehandicapte bezoekers zelf. Het hoorspel dat in ongeveer dertig minuten het ontstaan van het blindenonderwijs en de oprichting van de eerste instituten in de negentiende eeuw weergaf, werd door hen met grote aandacht gevolgd. Daarna werd de tentoonstelling met een voor ons iedere keer weer buitengewoon enthousiasme bekeken. Zo noteerden wij eens dat een aantal niet bij elkaar behorende bezoekers van 11.30 uur tot 15.30 uur op de tentoonstelling was. Alleen al op grond van een dergelijk enthousiasme was de expositie alle moeite meer dan waard.

Terugblikkend blijft ons de herinnering aan een bijna feestelijke periode bij, ondanks de teleurstelling over het totaal aantal bezoekers. En met de ervaring die wij nu hebben opgedaan, is een solide basis gelegd voor de toekomst. Het belangrijkste zal dan zijn hoe

 40106. Verslag van de tentoonstelling "vergeten onderwijs" door Anje Oosterheerd

 Na het beŽindigen van een tentoonstelling behoort daarover een verslagje geschreven te worden. U weet dat het hier gaat over de expositie onderwijs aan blinden in de negentiende eeuw. Deze tentoonstelling is gehouden van 15 november 1985 tot en met 12 januari 1986 en werd officieel geopend door staatssecretaris van onderwijs en wetenschappen de heer G. van Leyenhorst. Voor het gladjes doen verlopen van deze tentoonstelling moest het Nationaal Schoolmuseum de beschikking hebben over een groep vrijwilligers en uit de vrienden van het Nationaal Schoolmuseum is deze groep gerecruteerd behalve ondergetekende, die gereageerd heeft op een aankondiging van deze expositie in een gesproken editie van de Haagse Schouw, een weekblad vol nieuwtjes op allerlei gebied over Den Haag en omgeving voor blinden en slechtzienden. Misschien daarom en ook wellicht vanwege het feit, dat ik zelf visueel gehandicapt ben, heeft men mij gevraagd dit artikeltje te schrijven. Wat hebben we allemaal gedaan? Waar nodig en wenselijk bezoekers we het vervoer regelen naar het museum. Ik zie het al voor me: naast de "Sloopexpres" die het land doortrekt, komt er voortaan een bezoekersexpres "het Nationaal Schoolmuseum komt u halen". rondgeleid en namen op een Herinneringskaart in braillei ngevuld. Degenen, die attributen bij elkaar hebben weten te garen, het beheer erover en de rangschikking ervan, hebben naar mijn mening een veel grotere prestatie geleverd. Het was een enorm gezellige tentoonstelling. De mogelijkheid tot een goed gesprek tussen bezoeker en surveillance was steeds aanwezig. Deze tentoonstelling heeft mij en elk geval geleerd dat de progressiviteit in het onderwijs aan blinden en slechtzienden minder snel gaat dan bij het zienden onderwijs. Ofschoon ik hierbij wel een voorbehoud moet maken, want mijn schooltijd ligt voor de tweede wereldoorlog en de vooruit gang in het onderwijs heeft juist daarna een veel grotere vlucht genomen. Ik zal dat duidelijk maken met een voorbeeld: wanneer nu een tentoonstelling gehouden zou worden over het onderwijs voor ziende kinderen, komt u geen attribuut te gen dat hedentendage nog gebruikt wordt; ook weer met restrictie van 50 jaar. Op zich was het een interessante tentoonstelling en ik ben blij dat ik er geweest ben. Veel succes met uw verdere arbeid.

Anje Oosterheerd

 

 

Zakelijke info